Biologie

Tips voor het examen

 

Belangrijk bij het maken van je examen

(gebaseerd op aanwijzingen maken examen op bioplek)

Meerkeuzevragen

  • Geef alleen de letter van het antwoord
  • Gebruik een hoofdletter
  • Geef één antwoord, tenzij in de vraag staat dat je meerdere antwoorden mag kiezen

    Berekeningen
  • Geef de tussenstappen van je berekening
  • Zet altijd de eenheid of eenheden achter het berekende getal
  • Rond je antwoord af op net zo veel decimalen als er in de opgave staan

    Open vragen
  • Sla tussen de antwoorden altijd een regel over. Dat maakt het geheel overzichtelijker.
  • Geef antwoord en toelichting in volledige zinnen

    Voorbeeld

    vraag:
    Wordt pees 1 in de afbeelding korter of langer of blijft hij even lang als de hand naar boven beweegt?

    antwoord:
    Pees 1 blijft even lang ( en niet alleen: even lang).
  • Voor iedere vraag staat hoeveel punten je kunt behalen.
    Wanneer je voor een vraag meer dan 1 punt krijgt, moet je antwoord altijd meerdere "denkstappen" bevatten. Evenveel als het aantal punten dat je kunt behalen.
    Controleer altijd of je dat ook gedaan hebt.
  • Wanneer je redenen of voorbeelden moet noemen, geef dan nooit meer redenen/voorbeelden dan gevraagd worden.
  • Als er bijvoorbeeld twee redenen worden gevraagd en je geeft meer dan twee redenen, worden alleen de eerste twee in de beoordeling meegeteld.
    Datzelfde geldt bij argumenten.

    Aanpak van open vragen

  • Bedenk eerst waar de vraag over gaat
    • kijk naar het kopje dat boven de vraag staat
    • lees de inleidende informatie nauwkeurig door
    • bekijk de plaatjes en tabellen en grafieken
  • Geef antwoord op de vraagstelling
    • Kijk welke gegevens je nodig hebt, er zijn vaak meer gegevens dan je nodig hebt voor het antwoord.
    • Ga na wat er precies van je gevraagd wordt (leg uit, benoem, bereken).
  • Controleer of je antwoord hebt gegeven op de vraagstelling
    • Geef alleen een toelichting als daarom gevraagd is; schrijf geen dingen op die niet gevraagd zijn.
    • Antwoord zo nauwkeurig mogelijk. Een te algemeen of vaag antwoord levert vaak geen punten op.

    Argumenten

  • Argumenten zijn gebaseerd op feiten of gegevens. Soms staan die in de tekst soms moet je ze zelf bedenken.
  • Vermeld altijd uitdrukkelijk of het een argument vóór of tegen een bepaalde bewering is.
  • Altijd argumenten in volledige zinnen geven!


Grafieken

  • Benoem de assen volledig.
    Dat wil zeggen met:
    • een grootheid (leeftijd, lengte, temperatuur en dergelijke)
    • een eenheid (jaren, minuten, meters, en dergelijke)
  • Verbind in een lijngrafiek de punten niet met een liniaal, maar trek een vloeiende lijn.
  • Teken de lijn nooit voorbij het eerste en laatste meetpunt, tenzij daar nadrukkelijk om gevraagd wordt.

    Toegestane hulpmiddelen bij het examen
  • schrijfmaterialen, inclusief millimeterpapier
  • tekenpotlood
  • blauw en rood kleurpotlood
  • liniaal met millimeterverdeling
  • passer
  • geodriehoek
  • gum
  • rekenmachine (geen grafische rekenmachine)
    Er mag op het examen geen rekenmachine geleend worden van iemand anders!!

 

Terug naar inhoud 4 tl

 

 

 

Terug naar de Biologie inhoudsopgave. Surf direct naar Bioplek